© Museum JoCas                                                  © Teksten: Wikipedia en Cor Bastinck, zie tabblad “Info-Contact”     © Foto’s algemeen: zie tabblad “Info-Contact” en indien afwijkend de tekst bij de foto

 
Griekenland: tempel van Apollon Epikourios, Delphi, Akropolis, Rodos, Olympia (stad)
De tempel van Apollon Epikourios in Vassès, gebouwd rond 420-400 v.Chr., ligt op een eenzame en afgelegen plek, op een hoogte van 1130 m, in een volkomen verlaten landschap van grijze steenblokken. Toen een herder hem in het begin van de 18e eeuw bij toeval ontdekte, na eeuwen van volslagen vergetelheid, was hij geheel door bossen ingesloten. Volgens Pausanias werd het heiligdom gesticht door de dankbare inwoners van het nabijgelegen Phigaleia, omdat Apollo Epikourios ("de Verzorger") hen tijdens de Peloponnesische Oorlog voor de pest had gevrijwaard. Niemand minder dan Iktinos, de architect van het Atheense Parthenon, kreeg volgens Pausanias de opdracht voor de bouw van de tempel, die is gebouwd van kalksteen; alleen de kapitelen en beeldhouwwerken zijn van marmer. Iktinos maakte gebruik van verschillende stijlkenmerken door Korinthische en Ionische elementen in eendrachtige harmonie met de zes meter hoge Dorische zuilen te combineren. Voor zover wij weten werd hier ook de eerste Korinthische zuil ooit opgericht; deze is echter kapotgevallen. De tempel had de tand des tijds relatief goed getrotseerd: 39 zuilen stonden nog zoals in de Oudheid, toen hij in 1765 werd ontdekt door Joachim Bocher, een Franse architect in dienst van Venetië. Eigenlijk ontbreken alleen het dak en de frontons. De beeldhouwwerken zijn nu niet meer bij de tempel aanwezig omdat ze door kunsthandelaren, die de tempel in 1812 met toestemming van de Ottomaanse machthebber in het gebied onderzochten, werden verwijderd en aan de Engelsen verkocht; zowel de metopen als de fries (met voorstellingen van mythische gevechten tussen Grieken en Centauren / Amazonen) prijken nu in het British Museum te Londen. In 1835 maakte de Russische schilder Karl Brjoellov van de tempel een aquarel, die nu in het Poesjkin Museum in Moskou hangt; deze schildering geeft de toestand van de tempel goed weer. In het begin van de twintigste eeuw werd de tempel door Griekse archeologen gerestaureerd; onder meer werden de omgevallen zuilen overeind gezet. Sinds 1987 staat de tempel ingepakt in een reusachtige tentconstructie, tot er voldoende geld bijeen is gebracht om de architraven opnieuw te plaatsen. Zonder deze architraven tasten de nachtvorst en het insijpelende water de door aardbevingen gebarsten zuilen aan. Sommigen denken dat ook de bruinkoolcentrale nabij Megalopolis verantwoordelijk is voor de achteruitgang van deze tempel. Delphi (met klemtoon op de - i -) is een archeologische plaats en een moderne plaats met 1500 inwoners in de gelijknamige gemeente Delphi, regio Centraal-Griekenland. Uit opgravingen is gebleken dat de hele site reeds vanaf het 5e tot het 3e millennium v.Chr. als neolithische nederzetting in gebruik was tot in de Minoïsche tijd, en al een heilige plaats was toen zij later (1375 - 1100 v.Chr.) door de Myceners werd overgenomen. De orakelfunctie ging ook gewoon door nadat de site aan de god Apollon was gewijd. De attributen van de vroegere vruchtbaarheidsgodin werden op Athena overgedragen, die tevens de rol kreeg om haar halfbroer Apollon ter plaatse te beschermen. Oorspronkelijk werden hier Chtonische goden vereerd. Dat de plaats toen Pytho heette, wordt zelfs nog vermeld door Homerus. Volgens de mythe huisde hier in deze bergstreek in een ver verleden de draak Python, een zoon van de aardgodin Gaia (of Gè). Na zijn geboorte op het eiland Delos, nam de god Apollon de gedaante van een dolfijn (delphis) aan, en sprong in zee, op zoek naar een aangenamer plek om er een heiligdom te stichten. Zo ontdekte hij de woonplaats van Python, die hij doodde, waarna hij zijn cultus vanuit Kreta overbracht naar deze plaats, die sindsdien de naam Delphi droeg. Maar de naam van Python bleef in allerlei elementen voortleven. Zo werd Apollon hier vereerd als Apollon Pythios (onder meer tijdens de Pythische Spelen), en ook de benaming van de priesteres, de Pythia, verwijst naar Python. Delphi was in de klassieke oudheid een der beroemdste cultusplaatsen van de god Apollon en het meest bezochte en gerespecteerde orakel van de gehele oudheid. Later werd hier ook de god Dionysos vereerd. Vanaf 590 v.Chr. werden te Delphi de Pythische Spelen gehouden, dat waren wedstrijden in muziek, dichtkunst en sport. Delphi beleefde een late bloei in de Romeinse keizertijd, vooral door de belangstelling van verscheidene keizers waaronder vooral Hadrianus. In 392 na Chr. werd het orakel gesloten door de christelijke keizer Theodosius I, die kort tevoren het christendom tot staatsgodsdienst verheven had. De Akropolis van Athene is de 156 meter hoge tafelberg in de Griekse hoofdstad, oorspronkelijk door een vruchtbare vlakte omringd, op veilige en toch niet verre afstand van zee gelegen, die zich bij uitstek leende tot een nederzetting. Door de ligging is de Akropolis van kilometers ver te zien voor wie Athene nadert. Acropolis is een samenvoeging van acro en polis, wat vertaald kan worden als "boven" en "stad". Hoewel er sporen van nóg oudere bewoningsvormen zijn gevonden, valt toch de eerste belangrijke periode in de Myceense tijd, tussen 2000 en 1200 v.Chr. Evenals in Mycene zelf was de koningsburcht hier de kern van de burcht: uit de 13e eeuw v.Chr. stamt de 6m dikke ommuring van zware blokken steen. Van deze zogenaamde "Pelasgische muur" is nog een stuk te zien, rechts voorbij de Propyleeën. De Akropolis bleef de religieuze kern van de stad, ook toen de bevolking zich in de benedenstad ging vestigen, en de stad zich begon uit te breiden. De beschermgodin Athena had er haar belangrijkste heiligdom, de Oude Athenatempel, gebouwd in de 6e eeuw v.Chr. De tiran Pisistratus liet de pracht van de Akropolis nog verhogen met allerlei bouwwerken en wijgeschenken. In 480 v.Chr., kort voor de slag bij Salamis, werd het hele plateau vernield door de Perzen. Na de oorlog begon men onmiddellijk aan de wederopbouw onder Kimon II. In het "gerecycleerde" puin, waarmee het terras na de verwoesting van het gehele complex werd genivelleerd en uitgebreid, zijn tal van sculptuurfragmenten van vóór 480 v.Chr. ontdekt (nu te bewonderen in het Acropolis Museum). De wederopbouw van de tempels geschiedde op initiatief en onder leiding van Pericles, bijgestaan door de beeldhouwer Phidias als artistiek adviseur. Financieel werd de uitvoering mogelijk gemaakt door het overbrengen van de kas van de Delische Bond van Delos naar Athene in 454 v.Chr. Sindsdien was de Akropolis uitsluitend een religieus centrum: het grootse concept maakte de Akropolis tot nationaal heiligdom: zijn militaire en politieke functie behoorde voorgoed tot het verleden.
Foto: Napoleon Vier from nl Foto: Apollon1975 (CC BY-SA 4.0) Foto:  http://www.folp.free.fr/Open.php?getTabSigIdeImg=721 Foto: Albert Tournaire Foto: Napoleon Vier op de Nederlandstalige Wikipedia Foto:  A.Savin Foto: Glenlarson at Wikipedia. Foto: LevineDS

   © Museum JoCas tekst, -en Wikipedia zie tab Info 

 Museum JoCas 

Griekenland: tempel Apollon Epikourios, Delphi, Akropolis, Rodos, Olympia (stad)
De tempel van Apollon Epikourios in Vassès, gebouwd rond 420-400 v.Chr., ligt op een eenzame en afgelegen plek, op een hoogte van 1130 m, in een volkomen verlaten landschap van grijze steenblokken. Toen een herder hem in het begin van de 18e eeuw bij toeval ontdekte, na eeuwen van volslagen vergetelheid, was hij geheel door bossen ingesloten. Volgens Pausanias werd het heiligdom gesticht door de dankbare inwoners van het nabijgelegen Phigaleia, omdat Apollo Epikourios ("de Verzorger") hen tijdens de Peloponnesische Oorlog voor de pest had gevrijwaard. Niemand minder dan Iktinos, de architect van het Atheense Parthenon, kreeg volgens Pausanias de opdracht voor de bouw van de tempel, die is gebouwd van kalksteen; alleen de kapitelen en beeldhouwwerken zijn van marmer. Iktinos maakte gebruik van verschillende stijlkenmerken door Korinthische en Ionische elementen in eendrachtige harmonie met de zes meter hoge Dorische zuilen te combineren. Voor zover wij weten werd hier ook de eerste Korinthische zuil ooit opgericht; deze is echter kapotgevallen. De tempel had de tand des tijds relatief goed getrotseerd: 39 zuilen stonden nog zoals in de Oudheid, toen hij in 1765 werd ontdekt door Joachim Bocher, een Franse architect in dienst van Venetië. Eigenlijk ontbreken alleen het dak en de frontons. De beeldhouwwerken zijn nu niet meer bij de tempel aanwezig omdat ze door kunsthandelaren, die de tempel in 1812 met toestemming van de Ottomaanse machthebber in het gebied onderzochten, werden verwijderd en aan de Engelsen verkocht; zowel de metopen als de fries (met voorstellingen van mythische gevechten tussen Grieken en Centauren / Amazonen) prijken nu in het British Museum te Londen. In 1835 maakte de Russische schilder Karl Brjoellov van de tempel een aquarel, die nu in het Poesjkin Museum in Moskou hangt; deze schildering geeft de toestand van de tempel goed weer. In het begin van de twintigste eeuw werd de tempel door Griekse archeologen gerestaureerd; onder meer werden de omgevallen zuilen overeind gezet. Sinds 1987 staat de tempel ingepakt in een reusachtige tentconstructie, tot er voldoende geld bijeen is gebracht om de architraven opnieuw te plaatsen. Zonder deze architraven tasten de nachtvorst en het insijpelende water de door aardbevingen gebarsten zuilen aan. Sommigen denken dat ook de bruinkoolcentrale nabij Megalopolis verantwoordelijk is voor de achteruitgang van deze tempel. Delphi (met klemtoon op de - i -) is een archeologische plaats en een moderne plaats met 1500 inwoners in de gelijknamige gemeente Delphi, regio Centraal-Griekenland. Uit opgravingen is gebleken dat de hele site reeds vanaf het 5e tot het 3e millennium v.Chr. als neolithische nederzetting in gebruik was tot in de Minoïsche tijd, en al een heilige plaats was toen zij later (1375 - 1100 v.Chr.) door de Myceners werd overgenomen. De orakelfunctie ging ook gewoon door nadat de site aan de god Apollon was gewijd. De attributen van de vroegere vruchtbaarheidsgodin werden op Athena overgedragen, die tevens de rol kreeg om haar halfbroer Apollon ter plaatse te beschermen. Oorspronkelijk werden hier Chtonische goden vereerd. Dat de plaats toen Pytho heette, wordt zelfs nog vermeld door Homerus. Volgens de mythe huisde hier in deze bergstreek in een ver verleden de draak Python, een zoon van de aardgodin Gaia (of Gè). Na zijn geboorte op het eiland Delos, nam de god Apollon de gedaante van een dolfijn (delphis) aan, en sprong in zee, op zoek naar een aangenamer plek om er een heiligdom te stichten. Zo ontdekte hij de woonplaats van Python, die hij doodde, waarna hij zijn cultus vanuit Kreta overbracht naar deze plaats, die sindsdien de naam Delphi droeg. Maar de naam van Python bleef in allerlei elementen voortleven. Zo werd Apollon hier vereerd als Apollon Pythios (onder meer tijdens de Pythische Spelen), en ook de benaming van de priesteres, de Pythia, verwijst naar Python. Delphi was in de klassieke oudheid een der beroemdste cultusplaatsen van de god Apollon en het meest bezochte en gerespecteerde orakel van de gehele oudheid. Later werd hier ook de god Dionysos vereerd. Vanaf 590 v.Chr. werden te Delphi de Pythische Spelen gehouden, dat waren wedstrijden in muziek, dichtkunst en sport. Delphi beleefde een late bloei in de Romeinse keizertijd, vooral door de belangstelling van verscheidene keizers waaronder vooral Hadrianus. In 392 na Chr. werd het orakel gesloten door de christelijke keizer Theodosius I, die kort tevoren het christendom tot staatsgodsdienst verheven had. De Akropolis van Athene is de 156 meter hoge tafelberg in de Griekse hoofdstad, oorspronkelijk door een vruchtbare vlakte omringd, op veilige en toch niet verre afstand van zee gelegen, die zich bij uitstek leende tot een nederzetting. Door de ligging is de Akropolis van kilometers ver te zien voor wie Athene nadert. Acropolis is een samenvoeging van acro en polis, wat vertaald kan worden als "boven" en "stad". Hoewel er sporen van nóg oudere bewoningsvormen zijn gevonden, valt toch de eerste belangrijke periode in de Myceense tijd, tussen 2000 en 1200 v.Chr. Evenals in Mycene zelf was de koningsburcht hier de kern van de burcht: uit de 13e eeuw v.Chr. stamt de 6m dikke ommuring van zware blokken steen. Van deze zogenaamde "Pelasgische muur" is nog een stuk te zien, rechts voorbij de Propyleeën. De Akropolis bleef de religieuze kern van de stad, ook toen de bevolking zich in de benedenstad ging vestigen, en de stad zich begon uit te breiden. De beschermgodin Athena had er haar belangrijkste heiligdom, de Oude Athenatempel, gebouwd in de 6e eeuw v.Chr. De tiran Pisistratus liet de pracht van de Akropolis nog verhogen met allerlei bouwwerken en wijgeschenken. In 480 v.Chr., kort voor de slag bij Salamis, werd het hele plateau vernield door de Perzen. Na de oorlog begon men onmiddellijk aan de wederopbouw onder Kimon II. In het "gerecycleerde" puin, waarmee het terras na de verwoesting van het gehele complex werd genivelleerd en uitgebreid, zijn tal van sculptuurfragmenten van vóór 480 v.Chr. ontdekt (nu te bewonderen in het Acropolis Museum). De wederopbouw van de tempels geschiedde op initiatief en onder leiding van Pericles, bijgestaan door de beeldhouwer Phidias als artistiek adviseur. Financieel werd de uitvoering mogelijk gemaakt door het overbrengen van de kas van de Delische Bond van Delos naar Athene in 454 v.Chr. Sindsdien was de Akropolis uitsluitend een religieus centrum: het grootse concept maakte de Akropolis tot nationaal heiligdom: zijn militaire en politieke functie behoorde voorgoed tot het verleden.
Foto: Apollon1975 (CC BY-SA 4.0) Foto: Napoleon Vier from nl Foto:  http://www.folp.free.fr/Open.php?getTabSigIdeImg=721 Foto: Albert Tournaire Foto: Napoleon Vier op de Nederlandstalige Wikipedia Foto:  A.Savin Foto: Glenlarson at Wikipedia. Foto: LevineDS