Bep Voskuijl: het zwijgen voorbij

Bep Voskuijl: het zwijgen voorbij

Als een van de acht helpers van Anne Frank en haar familie tijdens de Tweede Wereldoorlog, is Bep Voskuijl een cruciale maar vaak vergeten figuur in de geschiedenis. Haar rol bij het helpen van de ondergedoken Joodse families in het Achterhuis is van onschatbare waarde geweest. Hoewel haar verhaal in de schaduw van Anne Frank is gebleven, verdient Bep Voskuijl erkenning voor haar moed en vastberadenheid.

Wie was Bep Voskuijl?

Bep Voskuijl werd geboren op 5 juli 1919 in Amsterdam. Ze was de oudste dochter van Johannes Voskuijl en Cornelia Voskuijl-Van Wijk. Samen met haar zeven broers en zussen groeide ze op in een hecht gezin. Haar vader was een timmerman en had zijn eigen bedrijf, waar later ook Anne Frank’s vader, Otto Frank, zou werken.

Tijdens de oorlogsjaren werd het leven van Bep en haar familie drastisch beïnvloed door de Duitse bezetting van Nederland. Hoewel ze geen Joodse afkomst had, voelde Bep zich sterk betrokken bij de situatie van de Joodse bevolking en besloot ze te helpen.

De rol van Bep Voskuijl bij het Achterhuis

In juli 1942, toen Anne Frank nog maar net in het Achterhuis was ondergedoken, begon Bep Voskuijl te werken als secretaresse voor Otto Frank in zijn bedrijf. Ze werd al snel een vertrouweling van de familie Frank en werd betrokken bij het organiseren van de onderduikplek in het Achterhuis.

Bep speelde een essentiële rol bij het verzorgen van de ondergedoken families. Ze zorgde voor de dagelijkse voorzieningen, zoals voedsel en kleding, en onderhield contact met de buitenwereld. Ze bracht nieuws en informatie naar het Achterhuis en hielp daarmee de hoop en moraal van de onderduikers hoog te houden.

Lees ook:   Lucas Cranach de Oude – Schilder van de Reformatie

Daarnaast was Bep ook een belangrijke schakel tussen het Achterhuis en de buitenwereld. Ze onderhield contact met de medewerkers van het bedrijf van Otto Frank en zorgde ervoor dat de ondergedoken families op de hoogte bleven van wat er buiten gebeurde.

Leven na de oorlog

Na de bevrijding in 1945 werd Bep Voskuijl herenigd met haar familie. Ze trouwde met Cornelis Johannes van Wijk en kreeg drie kinderen. Ondanks de traumatische ervaringen die ze had meegemaakt, probeerde Bep haar leven weer op te bouwen en een normaal bestaan te leiden.

Hoewel Bep Voskuijl nooit veel over haar betrokkenheid bij het Achterhuis sprak, werd ze in de jaren ’80 geïnterviewd voor een documentaire over Anne Frank. Pas toen werd haar rol als helper bekend bij het grote publiek.

Conclusie

Bep Voskuijl was een moedige vrouw die haar leven riskeerde om anderen te helpen tijdens de donkerste dagen van de Tweede Wereldoorlog. Haar rol bij het Achterhuis en haar bijdrage aan het beschermen van Joodse onderduikers mag niet worden vergeten. Haar verhaal herinnert ons aan de kracht van medemenselijkheid en de moed van gewone mensen in buitengewone tijden.

FAQs

1. Wat gebeurde er met Bep Voskuijl na de oorlog?

Na de oorlog trouwde Bep Voskuijl en kreeg ze drie kinderen. Ze probeerde haar leven weer op te bouwen en sprak niet veel over haar betrokkenheid bij het Achterhuis.

2. Hoe werd Bep Voskuijl bekend bij het grote publiek?

Bep Voskuijl werd pas in de jaren ’80 bekend bij het grote publiek toen ze werd geïnterviewd voor een documentaire over Anne Frank.

Lees ook:   Vliegende en kijvende Hollanders

3. Wat was de rol van Bep Voskuijl bij het Achterhuis?

Bep Voskuijl speelde een essentiële rol bij het verzorgen van de ondergedoken families in het Achterhuis. Ze zorgde voor dagelijkse voorzieningen en onderhield contact met de buitenwereld.

4. Waarom besloot Bep Voskuijl te helpen?

Ondanks dat ze geen Joodse afkomst had, voelde Bep zich sterk betrokken bij de situatie van de Joodse bevolking en besloot ze te helpen.

5. Welke erkenning heeft Bep Voskuijl gekregen voor haar rol?

Bep Voskuijl heeft postuum erkenning gekregen voor haar rol bij het Achterhuis. Haar naam wordt nu genoemd in verband met de helpers van Anne Frank.

Met Bep Voskuijl als voorbeeld herinneren we onszelf eraan om altijd op te komen voor gerechtigheid en medemenselijkheid, zelfs in de moeilijkste tijden. Haar nalatenschap zal voortleven als een symbool van moed en vastberadenheid.