App Nederland Extra Geschiedenis NL - Deltawerken

Kasteel Duurstede

Kasteel Duurstede is een middeleeuws kasteel (ruïne) in de stad Wijk bij Duurstede (provincie Utrecht).

De geschiedenis van het kasteel gaat terug tot de vroege 13e eeuw toen de graaf van Bentheim een versterkt huis, gelegen nabij de plek waar vroeger Dorestad lag, in leen gaf aan het geslacht van Abcoude. In 1270 bouwde Zweder I van Abcoude een zware bakstenen woontoren (donjon).

Het “huis” bleef tot 1449 in het bezit van het geslacht van Abcoude, toen werd het onder dwang verkocht aan de bisschop van Utrecht en kwam uiteindelijk in het bezit van het Sticht.

Bisschop David van Bourgondië, die het kasteel tussen 1459 en 1496 in bezit had, liet het kasteel grondig verbouwen. Hierbij werd de oude donjon volledig ingesloten door nieuwbouw. Tijdens deze verbouwing werd ook de nu nog intacte Bourgondische toren gebouwd. De opvolgers van David, Frederik IV van Baden en Filips van Bourgondië, gebruikten het kasteel ook als hun residentie. De laatste grote uitbreiding van het kasteel vond plaats in 1577. Toen werd er een aarden, gebastionneerde omwalling om het kasteel opgeworpen.

Hoewel het kasteel in 1640 nog in goede staat verkeerde, verviel het ergens in de tweede helft van de 17e eeuw compleet tot een ruïne. Op een prent uit 1700 blijkt dat er al niet veel meer over was van het eens zo trotse gebouw. Deze teloorgang was het gevolg van bezuinigingen en verwaarlozing van de kant van het Sticht, en door vernielingen door Franse troepen tijdens het rampjaar 1672. Inwoners gebruikten vervolgens de losse stenen voor hun huizen.

De oude donjon van Zweder van Abcoude heeft door zijn uiterst robuuste constructie de tand des tijds redelijk goed doorstaan, en is nu nog een uitstekend voorbeeld van een middeleeuwse woontoren. De muren zijn twee en een halve meter dik; de oorspronkelijke ingang lag op de tweede verdieping en was bereikbaar via een houten trap die in tijden van nood gesloopt of afgebrand kon worden.

Een van de hoektorens van het oude kasteel werd tijdens de 15e eeuw uitgebouwd tot de nu nog steeds bestaande Bourgondische toren. Waar de rest van het kasteel aan het einde van de middeleeuwen meer weg had van een luxe slot, was de Bourgondische toren overduidelijk een bouwwerk met een militaire functie. De Bourgondische toren bevat een zeldzaam soort mezekouw (zie rechter kolom). Met zijn hoogte van meer dan veertig meter en zeer dikke muren is de toren vandaag de dag nog zeer imposant.

In de 19e-, de 20e-, en de 21e eeuw zijn de donjon, de toren en de overige resten (muren) geconsolideerd en opgemetseld tot een kleine hoogte boven het maaiveld, zodat nu ook nog een idee te vormen is over hoe omvangrijk het kasteel vroeger was. Naast de vroegere toegangspoort is er nog wat hoger oprijzend muurwerk te vinden, behorend tot de buitenmuur, en een hoektoren.

Sinds 1852 is de stad Wijk bij Duurstede eigenaresse van het goed. De gebastionneerde omwalling is nog aanwezig en is in de 19e eeuw omgevormd tot een park.

Mezekouw

Een mezekouw, ook wel mezenkooi, machicoulis of messekouw, is het vierkante werpgat tussen de uit elkaar geplaatste kraagstenen van de stenen uitbouwen van torens en muren van een middeleeuws kasteel. De werpgaten bevinden zich meestal bij de toegangspoort(en). Het woord stamt af van het oude Franse woord machicoller, afgeleid van het oude Provençaalse machacol, ontstaan uit het Latijnse maccare (verpletteren) en collum (nek).

Een mezekouw was bedoeld om aanvallers te kunnen belagen die onder de uitbouw en dus vlak voor de poorten en muren stonden. Mezekouwen maakten het mogelijk om deze vijanden te bestoken met pijlen en met alles wat maar naar beneden kon worden gegooid zoals kokend water en stenen. Kokende olie en hete pek zullen niet vaak zijn gebruikt omdat olie en pek duur waren.

De voorgangers van mezekouwen waren werpgaten in houten omlopen. Deze houten omlopen werden tijdens een belegering aangebracht rond torens en langs muren. Zo'n houten uitbouw met werpgaten heet een hordijs. Een hordijs was echter niet goed bestand tegen vuur.

In veel middeleeuwse vestingen werd een aantal mezekouwen gebruikt als toilet. Een simpele plank boven de mezekouw met een ovaal gat erin was al voldoende. In tijden van belegering verwijderde men dan de toiletombouw zodat de mezekouw weer beschikbaar was voor de verdediging.


  Museum JoCas © (CC BY-SA 3.0 NL) CC: Creative Commons - Naamsvermelding - Niet-commercieel - Gelijk delen 3.0  Nederland , licentie en © Format: Cor Bastinck ism vml JoCas, Jeugd- en jongerenvereniging. © teksten zie Wikipedia en “Info” © foto’s algemeen zie “Info” en wanneer afwijkend zie onderschrift foto’s bij artikel.

+

+

+

+

De 15e-eeuwse Bourgondische toren van kasteel Duurstede.

Foto: Arch

De 13e-eeuwse donjon van Zweder van Abcoude van kasteel Duurstede.

Foto: Arch

Uitsnede van foto links: Mezekouw (onder de rode pijltjes) van kasteel Duurstede

Foto: Arch

Info Contact Home