App Nederland Geschiedenis NL

Bataafse republiek

 - Regenten -

van de zogenaamde regenten, die in feite plaatselijke oligarchieën vormden. De Bataafse Republiek maakte dan ook de overgang naar een meer gecentraliseerde regering, met uniforme rechtspraak, munteenheid, maten en gewichten, belastingheffing. Voorts kregen de katholieken, die al meer dan 200 jaar als tweederangsburgers een derde deel van de bevolking uitmaakten, voortaan gelijke burgerrechten, al zou het nog tot 1853 duren voordat de Katholieke hiërarchie in de Nederlandse kerkprovincie hersteld mocht worden. Ondanks de anti-orangistische houding van de patriotten zag iedere weldenkende bestuurder de noodzaak voor verandering en aldus werden veel van hun politieke en bestuurlijke hervormingen na de Franse tijd gehandhaafd in het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden, dat in 1815 tot stand kwam.

In tegenstelling tot Frankrijk kreeg de nieuwe Republiek geen terreurregime of schrikbewind. In de Republiek stonden democratische principes hoog in het vaandel. De Nationale Vergadering, de eerste Nederlandse volksvertegenwoordiging, kwam op 1 maart 1796 voor de eerste maal in zitting bijeen. De tientallen commissies leidden tot trage besluitvorming. Bovendien ontstond er grote onenigheid over de provinciale bevoegdheden. De enige tekenen van interne politieke instabiliteit waren enkele staatsgrepen in 1798, toen revolutionaire bevelhebbers geïrriteerd raakten over het trage tempo van de democratische hervormingen. Op 11 maart 1797 kregen de federalisten hun zin; de stemming over het ontwerp-grondwet op 1 en 2 augustus zou in de gewesten plaatsvinden. De unitarissen waren ontevreden. Een staatsgreep in januari 1798 leidde tot de noodzakelijke een- en ondeelbaarheid. De federalisten legden het af tegen de unitariërs.

In 1801 vond onder grote druk van Frankrijk een grondwetsherziening plaats, waarbij de veranderingen van 1798 werden teruggedraaid. De staatsinrichting werd drastisch gewijzigd. Het Vertegenwoordigende Lichaam van de Bataafse Republiek werd vervangen door een Wetgevend Lichaam. Als uitvoerende macht - opvolger van het Uitvoerend Bewind - werd een Staatsbewind ingesteld, bestaande uit 12 personen. Tevens kwam de rechtspraak in handen van een onafhankelijke rechterlijke macht. De leer van Montesquieu over scheiding der machten werd zodoende in praktijk gebracht. De naam van de republiek werd gewijzigd in Bataafs Gemenebest.

In 1805 werd door Napoleon bewerkstelligd dat het Staatsbewind werd vervangen door een eenhoofdig bewind. Rutger Jan Schimmelpenninck werd door Frankrijk benoemd op deze post, met de titel raadpensionaris. De wetgevende macht bleef formeel wel in handen van het Wetgevend Lichaam, maar in de praktijk was een advieslichaam, de Staatsraad, belangrijker. Schimmelpenninck zorgde voor het eerste centrale bestuursapparaat in de historie van de Lage Landen. Vijf departementen (Binnenlandse Zaken, Buitenlandse Zaken, Financiën, Marine en Oorlog) vormden de kern van zijn regering.

In 1806 verloor Napoleon echter het vertrouwen in de Republiek. Hij vond dat de patriotten te weinig en te langzaam de richtlijnen van Parijs volgden. Hij dwong Schimmelpenninck tot aftreden, hernoemde het land tot Koninkrijk Holland en benoemde zijn broer Lodewijk Napoleon Bonaparte tot koning.

Een exercitiegenootschap (ook wel vrijcorps of genootschap voor de wapenhandel) was een gewapende particuliere organisatie, patriotten, opgericht tussen 1783 en 1786, met als doel de burgerij te oefenen in het hanteren van een geweer. De eerste exercitiegenootschappen werden begin 1783 opgericht in Deventer, Dordrecht en Utrecht. Quint Ondaatje was de aanvoerder van het exercitiegenootschap Pro Patria et Libertate in Utrecht, die al snel van zich deed spreken. Hij wist de exercitiegenootschappen eerst provinciaal en later landelijk te organiseren. Iedereen kon lid worden, katholieken en doopsgezinden werden niet langer uitgesloten. Niet alleen veel winkeliers, ook dominees, zoals François Adriaan van der Kemp meldden zich aan. Er werd minstens een keer in de week geoefend, meestal op zondag na de kerkdienst en bij slecht weer in de kerk. Niet altijd hoefden de leden zelf een wapen of uniform te bekostigen, zoals het geval was in de schutterijen. Op het niet verschijnen stond een boete van een aantal stuivers. Het eerste exercitiegenootschap de Vrijheid werd in 1783 in Dordrecht opgericht. Het genootschap in Rotterdam werd in 1784 verboden, nadat op 3 april rellen waren uitgebroken en vier doden en drie gewonden waren gevallen. Kaat Mossel en Ruige Keet speelden een prominente rol en de "stadhouderes van 't graauw" werd gearresteerd. Het dragen van kleurige symbolen werd verboden. Veel patriotten droegen vervolgens een zwart lint aan hun hoed in de vorm van een V(rijheid).

Vroedschap is de naam van een vroegmodern type college, alsmede de titel van een burger die in dat college zitting had (ook vroedsman genoemd).

De meeste steden in de vroegmoderne tijd kenden een regering bestaande uit gekozen mannelijke poorters, die zitting hadden in de vroedschap. In de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden bestond een stadsbestuur uit de magistraat en de vroedschap. De magistraat (of stadsregering), de vier of zes burgemeesters en/of schepenen, hielden zich bezig met het dagelijks bestuur van de stad. In de meeste steden werden de burgemeesters voor een periode van vier jaar gekozen. De laatst aangetreden burgemeester was verantwoordelijk voor de schutterij. De vroedschap stelde de magistraat aan, die in de regel uit eigen gelederen kwam. Er was daarbij sprake van een ingewikkeld stelsel van loting en in de meeste gewesten vanaf 1748 van voordrachten aan de stadhouder.

De term regenten wordt gebruikt voor de bestuurders van de Nederlandse steden in de 17e eeuw en de 18e eeuw. De macht was daar in handen van regentenfamilies, die vaak elkaar de bal toespeelden. De burgemeesters van Amsterdam bijvoorbeeld, die elkaar benoemden, maar ook de staten en Gedeputeerde Staten van de provincies, die eveneens in handen waren van een klein aantal families. De Nederlandse steden werden reeds sinds de late middeleeuwen bestuurd door de rijkere koopmansfamilies, die langzamerhand een gesloten klasse gingen vormen. Aanvankelijk kon de in schutterijen verenigde lagere burgerstand hier nog een zeker tegenwicht tegen bieden, maar in de loop van de 17e eeuw kreeg het stadsbestuur een steeds meer oligarchisch (macht in handen van een kleine groep mensen) karakter.

De schutterij of het schuttersgilde was een militie, bestaande uit burgers, opgericht in de middeleeuwen om de stad of het dorp te beschermen bij een aanval en de orde te handhaven bij oproer, brand of prominent bezoek. De kerntaken van de schutterij waren aldus te vergelijken met die van de hedendaagse politie: het bewaken en bewaren van orde rust en veiligheid van de burgers. Het valt te betwijfelen of er sprake is van een echt gilde omdat het om "vrijwilligers" ging, die ook nog een ander beroep uitoefenden. De gilden hadden aanvankelijk een sterk religieus karakter, ook de schutterij beschikte vaak over een eigen kapel en altaar. Na de Nederlandse Opstand speelde het sociale karakter een niet te verwaarlozen rol.

Nadat Frankrijk de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden in 1795 had veroverd, ontstonden er discussies binnen de nieuw gevormde Bataafse Republiek over de manier waarop deze Nederlandse staat bestuurd diende te worden. Binnen de Nationale Vergadering zaten twee uitgesproken partijen. De Unitariërs wilden dat er een centraal bestuurde eenheidsstaat moest komen, waarmee ze tegenover de Federalisten kwamen te staan, die zo veel mogelijk de bestaande provinciale soevereiniteit en stedelijke machtsstructuren wilden behouden. Tussen beide partijen stond overigens een grote groep Moderaten (gematigden). De machtsstrijd tussen Federalisten en Unitariërs werd uiteindelijk, toen de discussies in de Nationale Vergadering geen resultaat opleverden, met steun van de Franse ambassadeur, na de staatsgreep van 22 januari 1798, in het voordeel van de radicale Unitariërs beslecht.

Net als in andere delen van Europa groeide eind 18e eeuw in de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden weerstand tegen de adel, de wens naar een eerlijker bestuur, zodat een einde zou kunnen worden gemaakt aan het verdelen van baantjes binnen de regentenklasse. Orangisten, die stadhouder Willem V zijn absolutistische macht wilden laten behouden, stonden tegenover patriotten die, onder invloed van de Franse ideeën van de Verlichting en de Amerikaanse Revolutie, meer democratisch invloed op het benoemingsbeleid wilden uitoefenen en meer kansen wilden scheppen voor uitgesloten delen van de bevolking.

De patriotten ijverden in het bijzonder voor veranderingen in het aanstellingsbeleid. Tussen 1783 en 1787 hadden deze verontwaardigde burgers in een aantal steden en gewesten zich een invloedrijke positie in de vroedschap weten te verwerven en de positie van de stadhouder, die tot dan toe bijna alle benoemingen controleerde, kwam in het gedrang. Er bestonden toen nog geen politieke partijen en de patriotten organiseerden zich in plaatselijke exercitiegenootschappen om hun vrijheid te verdedigen en zich te scholen. Toen het in september 1786 de exercitiegenootschappen verboden werd onderling te overleggen, escaleerden de problemen. Er ontstond een situatie van een bijna-burgeroorlog en de stadhouder trok zich terug in Nijmegen. Een jaar later, nadat Frederik Willem II van Pruisen, een leger van 26.000 man naar de Republiek stuurde, werd de macht van de stadhouder Willem V hersteld. Maar de rust was slechts tijdelijk teruggekeerd. In 1789 brak de Franse Revolutie uit, en de belangrijkste "politieke partij" in dat land, de girondijnen, waren drie jaar later van mening de Revolutie te exporteren naar de rest van Europa, niet in de laatste plaats om de aandacht van de vele binnenlandse problemen af te leiden. Op 19 november 1792 verklaarde Jacques Pierre Brissot dat Frankrijk ieder land zou steunen om zijn vrijheid te herwinnen. In 1792 was Charles-François Lebrun minister van Buitenlandse Zaken. Hij onderhandelde met enkele Nederlandse patriotten over de toekomstige grenzen. De girondijnen rekenden op exploitatie van de veroverde gebieden om een economische crisis te lijf te gaan. Op 1 februari 1793 verscheen een oorlogsverklaring, niet aan de landen, maar aan George III van Engeland en stadhouder Willem V. Generaal Dumouriez werd opgedragen de Nederlanden binnen te vallen.

Franse tijd (1795 - 1813) was de republiek der Nederlanden bezet door Frankrijk

De Bataafse Republiek (1795–1801) was een republiek die het grootste gedeelte van het huidige Nederland omvatte en werd na de Bataafse Revolutie uitgeroepen op 19 januari 1795, één dag nadat erfstadhouder Willem V naar Engeland was gevlucht. Het grondgebied was gelijk aan dat van de gewesten van de voormalige Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden. De republiek was gevormd naar voorbeeld en met militaire steun van de Franse Republiek, waarvan de Bataafse Republiek een bondgenoot en de feitelijk een vazalstaat (een staat die afhankelijk is van een andere staat) was. Deze steun werd duur betaald: de Republiek moest tientallen miljoenen guldens betalen voor de Franse troepen die in Nederland gelegerd werden (Verdrag van Den Haag). Ook later bleek de 'coalitie' met Frankrijk nogal eenzijdig. In hun strijd tegen de Engelsen en bij daarop volgende vredesonderhandelingen waren de Fransen maar al te graag bereid om in ruil voor toezeggingen van Engeland Nederlandse koloniën af te staan.

In tegenstelling tot Frankrijk, werden de revolutionaire veranderingen in de Bataafse Republiek relatief vreedzaam doorgevoerd. Het land was al tweehonderd jaar een republiek, en had dan ook maar weinig tegenstribbelende edelen die anders misschien 'ingekort' moesten worden. Ook was in Frankrijk na de val van de fanatieke Robespierre in 1794, de revolutie inmiddels een veel gematigder fase ingegaan onder het bewind van (het Directoire vijfkoppig bestuur van Frankrijk dat het land tijdens een deel van de Franse Revolutie regeerde), van 1795 tot 1799. waarbij de burgerij het heft in handen nam.

De omwenteling van 1795 was in feite een herhaling van de omwenteling van de patriotten, die in 1787 met behulp van een Pruisisch interventieleger was onderdrukt. Veel leiders van de Bataafse Republiek waren patriottische politici, die in 1787 naar Frankrijk waren uitgeweken. Nu kregen zij, met Franse steun, de kans om alsnog hun idealen te verwezenlijken.

De oude Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden was vanwege haar decentrale structuur op sommige gebieden altijd al tamelijk ineffectief geweest, en haar tekortkomingen waren met het verstrijken van de tijd steeds ernstiger geworden. De afzonderlijke provincies waren soeverein, ieders instemming was dus nodig voor een besluit, waardoor de gezamenlijke besluitvorming soms jaren kon duren. Daarnaast was veel macht geconcentreerd geweest in handen


TOP Info Contact Home

+

+

+

+

Stadhouder Willem V

Schilder: Johann Georg Ziesenis der Jüngere

Het exercitiegenootschap van Sneek, 1786.

Schilder: Hermanus van de Velde. In Fries Scheepvaart Museum, Sneek.

Catharina Mulder, ook wel Caetje Mulder maar beter bekend als Kaat Mossel (Rotterdam, 25 maart 1723 - aldaar, 29 juni 1798) was een bekende mosselkeurvrouw in de Maasstad, die haar mannetje stond. Ze was een volkse vrouw die faam verwierf in verband met de strijd tussen de patriotten en orangisten in Nederland in de 18e eeuw en met name in het orangistische oproer in Rotterdam in 1783 en 1784.

Officieren van de Goudse schutterij o.l.v. kolonel Govert Suijs, 1653.

 Schilder: Fredinand Bol. In Museum het Catharina Gasthuis Gouda

Indeling van de departementen in het Bataafs Gemenebest (1801 - 1806).

Auteur bew.: Joostik  renamed version of 1801bataafscherepubliek.svg 1920.

Rutger Jan Schimmelpenninck (1761-1825), Raadspensionaris van de Bataafse Republiek (1805-1806).

 Kasteel Nijenhuis, Diepenheim. Schilder: Charles Howard Hodges. In Rijksmuseum Amsterdam.

Koninkrijk Holland - Napoleon


  Museum JoCas © (CC BY-SA 3.0 NL) CC: Creative Commons - Naamsvermelding - Niet-commercieel - Gelijk delen 3.0  Nederland , licentie en © Format: Cor Bastinck ism vml JoCas, Jeugd- en jongerenvereniging. © teksten zie Wikipedia en “Info” © foto’s algemeen zie “Info” en wanneer afwijkend zie onderschrift foto’s bij artikel.