App Nederland Extra Geschiedenis NL - Deltawerken

Slag bij Heiligerlee (1568)

Info Contact Home

Slag bij Heilligerlee (1568) op 23 mei 1568 eindigde met de eerste overwinning van de opstandelingen in het begin van de Tachtigjarige Oorlog. De veldslag vond plaats bij het plaatsje Heiligerlee, nabij Winschoten, in de heerlijkheid Groningen.

De Tachtigjarige Oorlog, in de modernere geschiedschrijving ook De Opstand of de Nederlandse Opstand genoemd, is de naam voor een opstand en strijd in de Nederlanden (1568 - 1648, met een Twaalfjarig Bestand in de jaren 1609 - 1621).

De oorlog begon als opstand in een van de rijkste gebieden van Europa, de Nederlanden, tegen het machtigste rijk in Europa, het Spaanse Rijk onder koning Filips II.

Partijen in de slag bij Heiligerlee, in deze opstand:

Voor de Nederlanden, de Staatsgezinden: 3900 man infanterie en 200 man cavalerie, geleid door graaf Lodewijk van Nassau en graaf Adolf van Nassau, voornamelijk bestaande uit huurlingen en een kleine groep getrouwe troepen uit Duitsland. De aantallen staatsgezinde troepen worden niet eenduidig in de bronnen weergegeven. Mogelijk gaat het om (veel) minder troepen.

Voor het Spaanse rijk, de Spaansgezinden: 3200 man infanterie en 200 man cavalerie, geleid door de stadhouder van Groningen, Jean de Ligne, graaf van Arenberg.

Aan het begin van de Tachtigjarige Oorlog waren de begrippen Staatsgezind en Spaansgezind uiteraard nog niet in zwang, omdat Filips II nog werd gezien als wettig landsheer (zelfs door Willem van Oranje), totdat de Staten-Generaal in 1581 de vorst formeel afzwoeren. Spaansgezind en koningsgezind kwamen op hetzelfde neer.

Willem van Oranje had lang geaarzeld voor hij iets ondernam tot hulp aan de verdrukte Nederlanden. Nog in maart 1567, tijdens de slag bij Oosterweel, weigerde hij (vanuit Antwerpen) het protestantse leger te hulp te komen. Maar door de manier waarop hij behandeld werd door de Spaanse overheerser, gecombineerd met dagelijkse verzoeken tot hulp, veranderde hij van mening. Hij benaderde verscheidene Duitse vorsten om financiële hulp en verkocht: 'zilverwerk, kleinodiën, tapijten en ander vorstelijk huissieraad'. Zijn broer graaf Lodewijk van Nassau zou in Friesland en Groningen een aanval ondernemen. De Staatse huurlingen trokken bij Bellingwolde het land binnen en namen de Wedderborg, bezit van de (afwezige) Spaanse stadhouder in Groningen Jean de (Jan van) Ligne in beslag.

Deze slag was de eerste succesvolle actie van de Nederlandse opstand. Het begin van de Tachtigjarige Oorlog was echter de voor de opstandelingen mislukte slag bij Dalheim, een maand eerder op 23 april 1568. Hierbij telt ook mee dat de vrede in 1648 was gesloten. Was de vrede een jaar eerder gesloten, dan was mogelijk de slag bij Oosterweel uit 1567 als het begin van de tachtigjarige oorlog beschouwd. Het is immers prettig om over ronde aantallen te praten.




   

               

+

Na de verovering van het aanliggende dorp Wedde, richtten de troepen van graaf Lodewijk zich op de stad Groningen om deze over te halen zich voor de opstand te verklaren, maar deze poging mislukte.

De stad was in het begin van 1567 onder militaire druk ingenomen door troepen onder de Spaansgezinde luitenant De Mepsche. Graaf Lodewijk beschikte over onvoldoende financiële en militaire middelen om de stad Groningen te kunnen belegeren.

Door middel van blokkades die hij ten noorden en oosten van de stad opwierp probeerde hij, zonder succes, de stad af te snijden van de buitenwereld. Aan de zuid- en westzijde bleef de stad bereikbaar.

Ook de poging om de bevolking in opstand te krijgen tegen de Spaanse overheerser liep op niets uit.

De blokkades keerden zich tegen Lodewijk op het moment dat de troepen van Alva de voor Lodewijk belangrijke logistieke route naar Delfzijl afsloten.

Het gevolg was dat na zes weken beleg de troepen van Alva naderden en Lodewijk niets anders restte dan te vluchten naar Oost-Friesland. Tijdens deze vlucht werden de troepen van graaf Lodewijk ter hoogte van Heiligerlee onderschept door Spaanse troepen.

Het effect van de slag bij Heiligerlee was beperkt. Door de op deze slag volgende nederlaag in de slag bij Jemmingen leverde de overwinning geen strategisch voordeel op. De overwinnaars van de slag bij Heiligerlee werden bij Jemgum grotendeels in de pan gehakt door Alva. Graaf Lodewijk kon op het laatste moment ontkomen door de Eems over te zwemmen, om zo terug te keren bij zijn beginpunt Emden. Het veroverde gebied was zeer tijdelijk in handen van Willem van Oranje geweest, de aanval op Groningen was mislukt, zijn broer Adolf was gesneuveld en van zijn leger was zo goed als niets meer over.

De dood van Adolf van Nassau is in het 4e couplet van het Wilhelmus gememoreerd:

“Graef Adolff is ghebleven, In Vriesland in den slaech.”

Willem van Oranje in 1580.

Schilder: Adriaen Thomasz. Key . In Rijksmuseum Amsterdam .

Slag bij Heiligerlee 1568, ± 1568-1590.

 Kunstenaar: Frans Hogenberg. Bron: Rijksmuseum Amsterdam

+

+


  Museum JoCas © (CC BY-SA 3.0 NL) CC: Creative Commons - Naamsvermelding - Niet-commercieel - Gelijk delen 3.0  Nederland , licentie en © Format: Cor Bastinck ism vml JoCas, Jeugd- en jongerenvereniging. © teksten zie Wikipedia en “Info” © foto’s algemeen zie “Info” en wanneer afwijkend zie onderschrift foto’s bij artikel.

TOP