App Nederland Extra Geschiedenis NL - Deltawerken

Kruistochten -

(Heilig Land)

Kruistochten waren militaire ondernemingen van christenen tussen 1096 en 1272 in het 'Het Heilige Land' (Palestina). Jeruzalem, als een duizenden jaren oude stad in het Heilige Land, is een bakermat van het jodendom en het christendom, en de stad of plekken erin worden door volgelingen van deze twee religies en door de islam als heilig beschouwd.

De kruistochten begonnen als een poging van de christenen om Jeruzalem, de heiligste plaats in het christendom, op de moslims te heroveren. De Westerse heersers werden geleid door de overtuiging, dat de door het christendom als zijn rechtmatig eigendom beschouwde heilige plaatsen in het Heilige Land, bevrijd moesten worden van de islamitische heersers, die deze sinds 638 in bezit hadden. De kruistochten waren dan ook een laat antwoord op de verovering van het Nabije Oosten door de islam. Ze hadden een aantal specifieke kenmerken. Zo begonnen ze meestal met een oproep door de paus. De oproep werd daarop verspreid door middel van een pauselijke bul en preken van geestelijken. Formeel waren alleen kruisridders gerechtigd om op kruistocht te gaan (dat veranderde in 1213). De kruistochten werden gefinancierd door een specifieke belasting, zoals de cruzada of de 'Saladintiende'. Een laatste kenmerk is dat kruisvaarders een aflaat ontvingen.

Hoewel kruistochten later als een bijzondere categorie oorlogen werden beschouwd, zagen tijdgenoten dat anders. De kenmerken van de kruistocht liepen parallel aan de zogenaamde rechtvaardige oorlog (bellum justum). De rechtvaardige oorlog was een Romeins concept dat in de christelijke traditie geïntegreerd werd door Augustinus.  Drie kenmerken stonden centraal: de oorlog moest worden uitgeroepen door een legitieme autoriteit, worden gevochten voor een rechtvaardig doel, en gevochten worden met een juiste intentie. De kruistocht voldeed aan al deze voorwaarden: de legitieme autoriteit was de paus, het doel was de bevrijding van Jeruzalem, en de intentie van de strijders was juist, omdat ze religieus gemotiveerd waren.

Overigens werd de term kruistocht of kruisvaarder aanvankelijk niet gebruikt, hoewel wel gesproken werd van ridders van het kruis of ridders van Christus. De kruisvaarders zagen zichzelf vooral als pelgrims.

De oorspronkelijke verovering van Palestina door islamitische strijdmachten had aanvankelijk nauwelijks een storende werking op de pelgrimage of bedevaart naar de heilige plaatsen van de christenen, zoals Jeruzalem, Bethlehem en Nazareth. In het jaar 1009 echter liet de Fatimidische kalief van Caïro, Al-Hakim, de Heilig Grafkerk vernietigen.  

Zijn opvolger stond het Byzantijnse Keizerrijk toe om de kerk te herbouwen en pelgrimage werd weer toegestaan.

De voornaamste reden voor de kruistochten was het feit dat de Seltsjoeken, nadat ze Palestina veroverd hadden, christelijke pelgrimages naar Jeruzalem en andere steden moeilijk of zelfs onmogelijk maakten. Die waren in de voorgaande tijd wel mogelijk geweest, alhoewel het gebied onder islamitisch bestuur stond. Voor het eerst sinds de val van het West-Romeinse Rijk en de volksverhuizingen kon christelijk Europa iets terugdoen, na bijvoorbeeld de veroveringen van Jeruzalem in 614 en 637, en de genoemde verwoesting van de Heilig Grafkerk door de Fatimidische kalief Al-Hakim in 1009.

Na paus Gregorius VII is een toenemende vroomheid zichtbaar, waardoor een voedingsbodem ontstond voor de kruistochten. Het oproepen tot de kruistochten gaf de paus ook een zekere autoriteit ten aanzien van de Duitse keizer: het lag immers niet voor de hand dat een geestelijk leider opriep tot gewapende strijd, dat was de taak van wereldlijke leiders. In die zin moet de rivaliteit tussen paus en keizer ook gezien worden als een opmaat tot de Investituurstrijd.

De kruistochten waren ook een uitlaatklep voor de interne problematiek binnen West-Europa. Voor de Katholieke Kerk was het een uitstekende manier om dreigende conflicten met het wereldlijk gezag te exporteren en om te buigen in een goede zaak voor het christendom. Vele edelen en ridders gingen uit puur eigenbelang, om land of fortuin te verwerven. Vele van deze avonturiers deden al hun bezittingen van de hand om de veroveringstocht naar het Heilig Land te financieren.

Handelaren volgden in hun kielzog om de handel met het Midden-Oosten te ontwikkelen. Dit laatste moet echter niet gezien worden als de voornaamste drijfveer voor deelname aan de ondernemingen. De kerk gaf deelnemers een volle aflaat, dat wil zeggen, boetes die tijdens de biecht waren opgelegd werden kwijtgescholden. Velen mis-interpreteerden dit als een vergiffenis voor alle zonden in de ogen van God, ook de niet opgebiechte. Ook op het vlak van economisch gewin moet men er rekening mee houden dat buit alles behalve zeker was en de kosten voor zo'n onderneming ontzettend hoog waren. Deelnemers moesten zichzelf vaak diep in de schulden steken en velen keerden ook berooid terug. Het was het geloof dat waarschijnlijk de grootste motivator vormde.

Er volgden nog diverse kruistochten.

In 1270 was het weer Lodewijk IX van Frankrijk die het voortouw nam in een nieuwe kruistocht. Onderweg naar het Heilig Land werd hem echter gevraagd om zijn broer te helpen met zijn strijd tegen het islamitisch 'piratennest' Tunis.

Uiteindelijk gaf hij hieraan gehoor, maar toen het leger bij Tunis zijn tenten had opgeslagen brak de pest uit, waarbij Lodewijk stierf samen met een groot deel van zijn leger. Zijn dood betekende het einde van de grote kruistochten.

Info Contact Home

Prins Eduard I van Engeland was te laat gearriveerd in Tunis om bij te dragen aan de kruistocht van Lodewijk IX van Frankrijk, maar samen met diens broer Karel van Anjou ging hij toch door tot Akko, de hoofdstad van de overblijfselen van het Koninkrijk Jeruzalem. Ze arriveerden aldaar in 1271. Verzwakt door een dolksteek keerde Eduard terug naar Sicilië in 1272, waar hij de dood van zijn vader Hendrik III vernam.

+

+

+

+

+

+

+

+

TOP

Paus Urbanus II.

Bron: http://www.smom-za.org/images/Urban_II_Bl.gif

Een geromantiseerde versie van Godfrey en andere leiders van de eerste kruistocht.

Kunstenaar: Alphonse-Marie-Adolphe de Neuville

Godefroy de Bouillon steekt de Jordaan over en doodt een kameel.

 Auteur: Maître de Fauvel. Bron: FRANCAIS 22495

Robert van Normandië bij de Belegering van Antiochië 1097-1098.

Kunstenaar: J.J. Dassy,1850 "Croisades, origines et consequences."

Inname van Antiochië.

Bron: http://www.histoire-france.net/moyen/croisade/antioche.jpg

De verovering van Jeruzalem in 1099.

Schilder:  possibly from Sébastien Mamerot, Les Passages d'oultre mer

Saladin's veroveringstochten.

Bron: http://www.explorethemed.com/Crusades.asp?c=1 Auteur: ExploretheMed

Kaart van de eerste kruistocht.

Auteur: Captain Blood at de.wikipedia

Peter de Kluizenaar predikt de Eerste Kruistocht.

Schilder: James Archer Bron: from Cassell's History of England, Vol. I - anonymous author and artists


  Museum JoCas © (CC BY-SA 3.0 NL) CC: Creative Commons - Naamsvermelding - Niet-commercieel - Gelijk delen 3.0  Nederland , licentie en © Format: Cor Bastinck ism vml JoCas, Jeugd- en jongerenvereniging. © teksten zie Wikipedia en “Info” © foto’s algemeen zie “Info” en wanneer afwijkend zie onderschrift foto’s bij artikel.

Peter de Kluizenaar predikt de Eerste Kruistocht.

Schilder: James Archer Bron: from Cassell's History of England, Vol. I - anonymous author and artists