App Nederland Verkiezingen

Eerste Kamer-

verkiezingen

Info Contact Home

De Eerste Kamer der Staten-Generaal, kort Eerste Kamer of Senaat, vormt, tezamen met de Tweede Kamer, de Staten-Generaal van het Koninkrijk der Nederlanden. De kamer heeft 75 zetels. De leden worden voor vier jaar gekozen door de leden van de Provinciale Staten van alle provincies.

Vergeleken met de Tweede Kamer heeft de Eerste Kamer minder rechten en bevoegdheden. De leden van de Eerste Kamer komen in principe slechts één dag in de week (op dinsdag) bijeen om de wetsontwerpen die al door de Tweede Kamer zijn aangenomen, nog eens te bespreken. Ze letten daarbij vooral op de technische kanten van het voorstel: de deugdelijkheid van de wet en de samenhang met andere wetten.

De Eerste kamer werd in 1815 gevormd door de splitsing van de Staten-Generaal in twee kamers, op verzoek van de Zuidelijke Nederlanden die de adel een plaats in het parlement wilden geven. De Noordelijke Nederlanden aanvaardden dit, onder de voorwaarde dat niet alleen adel lid kon worden, maar allen die "door diensten aan den Staat bewezen, door hunne geboorte of gegoedheid onder de aanzienlijksten van de lande behoren". De Koning benoemde de leden van de Eerste Kamer voor het leven.

De onafhankelijkheid van België en de grondwetsherziening van 1840 veranderden niets aan de Eerste Kamer. Pas bij de grondwetsherziening van 1848 werd bepaald dat de Provinciale Staten de leden zouden kiezen.

Bij de grondwetsherziening van 1887 veranderde de inkomenseis voor de Eerste Kamer. Burgers die een hoog ambt hadden bekleed konden vanaf dat moment ook verkozen worden.

Bij de grondwetsherziening van 1917 verkregen vrouwen het passieve kiesrecht voor de Eerste Kamer, en werden alle overige beperkingen om lid te mogen worden opgeheven. Het meerderheidsstelsel werd vervangen door een evenredige vertegenwoordiging. Tot 1983 was de zittingsduur niet vier maar zes jaar, en werd elke drie jaar de helft van de leden door de helft van de provincies gekozen.

De Eerste Kamer is samen met de Tweede Kamer medewetgever: alle wetten moeten door de Senaat worden goedgekeurd. Dit houdt ook in het budgetrecht (recht van de Eerste Kamer om de begroting van een minister goed te keuren of af te keuren), omdat de Rijksbegroting in de vorm van wetsontwerpen door de regering wordt ingediend. Dit is een belangrijk middel om de regering te dwingen te luisteren naar het parlement.

De Eerste Kamer heeft geen recht van amendement.

Ze kan de wetten die zijn goedgekeurd door de Tweede Kamer niet meer wijzigen, doch slechts goed- of afkeuren.

(Lees verder linkerkolom)


  Museum JoCas © (CC BY-SA 3.0 NL) CC: Creative Commons - Naamsvermelding - Niet-commercieel - Gelijk delen 3.0  Nederland , licentie en © Format: Cor Bastinck ism vml JoCas, Jeugd- en jongerenvereniging. © teksten zie Wikipedia en “Info” © foto’s algemeen zie “Info” en wanneer afwijkend zie onderschrift foto’s bij artikel.

+

Minister-president Rutte is in de Eerste Kamer voor de Algemene Politieke Beschouwingen over de kabinetsplannen voor 2014.

Foto: Minister-president Rutte from Nederland (+31) (CC BY 2.0)

Wapen van de Eerste Kamer der Staten-Generaal.

Foto: Fry1989 & Sodacan

TOP

Waterschaps -

verkiezingen

Maar doordat de debatten met de bewindslieden deel uitmaken van de wetsuitleg, kunnen de toezeggingen van de ministers en staatssecretarissen wel gebruikt worden in rechtszaken wanneer deze iets zeggen over de toepassing van de wet. De Kamer kan in praktijk de minister ook dwingen een novelle, een aanvulling / wijziging op het wetsvoorstel, in te dienen bij de Tweede Kamer. De Eerste Kamer stelt de stemming over de wet dan uit tot de Tweede Kamer de novelle heeft goedgekeurd, en de Eerste Kamer over beide kan stemmen. In praktijk is dit dus een wijziging van het wetsvoorstel, hoewel het aan de regering of de Tweede Kamer blijft om die novelle in te dienen.

De Eerste Kamer kan geen initiatiefwetsvoorstel indienen.

De Eerste Kamer heeft wel het recht op informatie, wat betekent dat de leden Kamervragen kunnen stellen (alleen schriftelijke), een debat met de minister kunnen aanvragen, het recht van interpellatie, en hierbij moties kunnen indienen. Het recht op informatie betekent ook dat de Kamer een parlementaire enquête kan houden, hoewel de Eerste Kamer dit nog nooit heeft gedaan. Wel is in 2012 door de Eerste Kamer onderzoek gedaan naar het privatiserings- en verzelfstandigingsbeleid van overheidsdiensten en -bedrijven.

Een motie van afkeuring, wantrouwen of treurnis kan ook in de Eerste Kamer worden aangenomen. Over de vraag of een motie van wantrouwen ertoe dient te leiden dat de minister aftreedt bestaat onenigheid in de literatuur.' Moties van wantrouwen worden in de Eerste Kamer zelden ingediend tegen individuele bewindslieden.